Een verhaal in verschillende lagen en niveaus

We ontmoeten Sylvie Landuyt op een druilerige herfstdag in Brussel. Begin 2018 gaat haar nieuwe voorstelling Do You Wanna Play With Me? in première in KVS. Sylvie vertelt dat de ervaring van zinloosheid centraal zal staan in haar voorstelling, net als de vraag hoe je die leegte opvult.

Sylvie liet zich inspireren door Wedekinds Voorjaarsontwaken om een familieverhaal te vertellen waarin sociale media en internetporno de relaties op scherp stellen. ‘s Nachts sluiten de jongeren zich, net als hun ouders, op in een virtuele wereld vol expliciete taal en beelden. “Ik schets een beeld van een moeder, een dochter en een zoon. De moeder is verslaafd aan internet en schuimt datingsites af. Haar introverte tienerdochter spiegelt zich aan haar en ontpopt zich online tot een bijna wellustig seksueel wezen vol zelfvertrouwen. De zoon raakt verslaafd aan internetporno en gaat uiteindelijk ten onder aan zelfhaat.”

In essentie brengt de voorstelling een vrij klassiek verhaal over een eenoudergezin. Alleen geef je op een veel abstractere manier vorm aan jouw personages, niet?

Sylvie: “Dat klopt. In het stuk voeren we ook de generatie van de toekomst op, vertegenwoordigd door Artificiële Intelligentie. Die vierde rol komt voort uit het verlangen van de kinderen naar een ideale moeder. Ik ga aan de slag met het abstracte omdat ik liever niet werk met personages, maar met beelden en archetypes. Als ik schrijf, gaat het me meer om klanken dan om lineair afgewerkte figuren. Ik maak ‘postdrama’ waarbij de woorden en zinnen onderling door de acteurs ingewisseld kunnen worden. Dat betekent ook dat de overtuigingen en handelingen van de personages inwisselbaar zijn. Als de zoon de minnaars van zijn moeder wil doden, dan is dat evengoed iets dat door de dochter overgenomen kan worden.”

“Tijdens de voorstelling wil ik dat de sociale media ook op scène via projecties aanwezig zijn. Het publiek moet online kunnen reageren en liken. Het mag zelfs een documentair karakter krijgen waarbij we zoekgeschiedenissen tonen in combinatie met getuigenissen van jongeren die ik verzamelde. Daarnaast wil ik een Japanse manga-sfeer oproepen met foute popmuziek en beelden uit de popcultuur, al is dat zeker niet de enige muzikale inspiratie. Ik houd ervan om een verhaal in verschillende lagen en niveaus te vertellen. De tekst, klanken, beelden en archetypes haken op elkaar in en verwijzen naar elkaar.”

De research bestaat deels uit gesprekken die je met jonge mensen aanknoopt over internet en hun omgang met seksualiteit.

Sylvie: “Het archetype van de zoon is nog niet af en ik wil hem verder bouwen op basis van wat adolescenten te vertellen hebben. Ik wil mijn werk bovendien bij hen aftoetsen om zeker te zijn dat mijn analyse klopt. Daarom richten we binnenkort workshops in waarbinnen we gedurende een week via artistieke oefeningen met jongeren ingaan op thema’s als virtuele ontmoetingen, internetporno en seksualiteitsbeleving. Ik vind het belangrijk om te weten hoe de relatie van die digital natives met het internet eruit ziet.”

“Ik ben op het onderwerp gestoten via de gesprekken die ik met jongeren had naar aanleiding van mijn voorstelling Don Juan Addiction. Ik merkte toen hoezeer ze bezig zijn met online-porno. Ze hebben soms een erg verwrongen beeld van seksualiteit. Ik heb jongens ontmoet die zeiden dat ze van een meisje hielden, maar niet met haar wilden vrijen omdat seks iets vies is. Ze zijn gewend aan beelden van de meest expliciete seksuele handelingen. Ze kennen dingen waar ik nog nooit van gehoord heb (lacht). Ze praten dan ook enerzijds cru en onverschillig over seks terwijl ze anderzijds heel preuts kunnen zijn of op zoek zijn naar ware liefde. Je merkt dat ze er misschien wel heel open over chatten, maar dat ze er ‘live’ amper over kunnen communiceren. Ik vind het belangrijk dat we daar het gesprek over aangaan. Je mag zoiets niet doodzwijgen.”

Enig maatschappelijk engagement is jou niet vreemd?

Sylvie: “Aan het begin van mijn carrière maakte ik er een zaak van om zowel met professionelen als met amateurs te werken. Ik wilde uit mijn vertrouwde bubbel breken en trok de cité in of werkte in buurthuizen. Ik zette telkens verschillende leefwerelden tegenover elkaar op scène. Ik werd bij die participatieve projecten vaker geraakt door de amateurs en hun verhalen dan door de professionals. Maar ik was toen ook kwaad op alles en iedereen, en gebruikte een methodiek waarbij ik op het podium de tegenstellingen opzocht en liet botsen. Intussen ben ik meer en meer op zoek naar een zekere harmonie in mijn voorstellingen. Maar de utopie van de ontmoeting blijft wel centraal staan voor mij. Ik wil nog altijd dat mijn voorstellingen mensen dichter bij elkaar brengen.” 

“Ik ben geboeid door de psychoanalyse en geloof dat ik door mezelf beter te leren kennen ook beter naar anderen kan leren kijken. Via mijn producties hoop ik stiekem dat mensen zichzelf herkennen in wat er zich afspeelt op het podium, dat ze zichzelf daardoor beter leren begrijpen en dus ook begripvoller worden ten aanzien van anderen. Dat is mijn wens: dat mensen met elkaar gaan praten en elkaar op die manier leren accepteren in elkaars verschillen. In Do You Wanna Play With Me? vel ik dan ook bewust geen moreel oordeel. Wel wil ik via die thematiek onze maatschappij beter begrijpen. Maar goed, ik weet intussen ook wel dat het een illusie is dat je een grote maatschappelijke omwenteling kan veroorzaken via de podiumkunsten.”

Foto's: © Danny Willems